JHWHN.INFO

HOME
PSALM 45:17 : "...en ik wil Uw naam vermelden in alle toekomstige geslachten"...

- terug -

OXYRHYNCHUS 3522
Datum:

1ste eeuw

 

 

Twee geleerden van Oxford, Bernard P. Grenfell en Arthur S. Hunt, werden door het door Groot-Brittannië gesponsorde 'Egypt Exploration Fund' op het einde van de negentiende eeuw naar Egypte gestuurd om ter plaatse opzoekingen te doen. Een plaats met de naam Behnesa klonk dhr. Grenfell veelbelovend in de oren vanwege de oude Griekse naam ervan – Oxyrhynchus. Deze stad was in de 4de en 5de eeuw een centrum geweest van het Egyptische christendom. De geleerden hoopten in Behnesa fragmenten te vinden van christelijke literatuur doch hun opzoekingen op kerkhoven en vervallen huizen leverden niets op. Alleen de afvalbergen van de stad bleven over en sommigen waren daarvan wel 9 meter hoog! Ondanks de povere vooruitzichten ging men ook daar aan de slag. In januari 1897 deed men een proefboring en binnen het uur vond men oud papyrusmateriaal. In iets meer dan 3 maanden werden bijna 2 ton papyri opgegraven. Ook in de jaren nadien vond men nog vele documenten.

De meeste documenten waren geschreven door, wat men noemt, gewone mensen. Hierdoor werd het bewijs geleverd dat het koine-Grieks de gebruikelijke taal was van de gewone man. Men vond ook fragmenten van Bijbelhandschriften zonder veel versiering en van slechte kwaliteit. Letterlijk de Bijbel van de gewone man.

 

 

Facsimile gemaakt door B. Bonte

 

 

Het bovengetoonde fragment, Oxyrhynchus 3522, dateert uit de eerste eeuw en meet ongeveer 7 bij 10,5 centimeter. De tekst is een passage uit Job 42:11,12. In deze tekst staat de Goddelijke Naam - zie de uitsnede. Lange tijd dacht men dat de Goddelijke Naam niet voorkwam in de Griekse Septuaginta maar fragmenten zoals dit fragment bewijzen het tegendeel.

 

 

- naar boven -